“KRITIEK IS EIGEN LOF LANGS EEN OMWEG”

Deze spreuk was de uitkomst van een puzzel in Tubantia van vorige week. Dat vond ik wel een goeie.
Jezelf waarmaken door iets af te kammen. Zowel voor de kritiek die over je heen komt als de kritiek die je zelf rondstrooit is het verstandig even te evalueren. Waarom zeg ik het of wordt het gezegd ? We staan nogal gauw klaar met algemene uitspraken zoals “Daar deugt niks van” , “ze maken er een zootje van” etc. Gaan de uitspraken wat verder dan wordt het tijd even na te denken : wat bedoeld hij of zij met de kritiek ? Al gaan je haren overeind staan : sla er niet direct op los. Veel losse kritiek zegt vaak alles over diegene die het de wereld in stuurt. De aandacht willen trekken, gefrustreerd zijn, je zin niet krijgen ; het kunnen de redenen zijn van de boodschapper negatief over iets of iemand te zijn. In veel gevallen worden er uitspraken gedaan zonder de nodige achtergrondkennis. Het ‘van horen zeggen’ hebben en dan maar aangedikt doorvertellen is een vast schema binnen de sociale media geworden. “Kijk is wat ik nu weer weet en ik weet dit nieuwtje als eerste, en ik heb de meeste contacten, en ik ben geweldig belangrijk door mijn sociale contacten en ik heb er ook nog eens eigen mening over”. Zo worden onderwerpen vaak een hype, bepalen deze thema’s de politieke agenda, worden mensen in de verkeerde hoek gedrongen of zelfs beschadigd, of wordt schade aangebracht aan goeie ontwikkelingen.

Nu zijn er natuurlijk veel vormen van kritiek. Er is opbouwende kritiek, er is gefundeerde kritiek ; steeds zou het een aanzet tot verdere discussie moeten zijn. Wanneer je een voorstel doet en een reactie krijgt : “ik bin d’r tegn” en je krijgt te horen “um toch”, kom je natuurlijk niet verder. Er is natuurlijk ook vrolijke kritiek : als ik de auto aan het wassen ben in de straat hoor ik wel een paar keer “Dat doo’j verkeerd”. Nu kan ik natuurlijk zeggen “bemeuj oe d’r nich met”, maar vaak wordt het : “Ik möt ’t zeker loatn doon ?”.
Jan Terlouw z’n pleidooi in de media ,voor meer vertrouwen en tolerantie, kreeg alom instemming. Het touwtje in de brievenbus is wel een heel ouderwetse visualisering van de ideale situatie. Het de wereld in jagen van positieve zaken en meningen via de sociale media heeft in onze tijd veel meer effect. Niet meer anoniem lekker goor reageren op nieuws alleen om de sensatie, maar meer persoonlijk je eigen geluid laten horen wanneer je het met iets eens of oneens bent : dat zou een verbetering zijn. De grote zwijgende meerderheid zou zich eigenlijk eens beter moeten laten horen. Maar ja, goed nieuws is geen nieuws….

Kritiek spuien om de kritiek is natuurlijk funest en bederft de sfeer. Inhoudelijk weten waar het over gaat, in discussie komen en : ook aangeven hoe je denkt dat het dan wel zou moeten, dat is een weg naar een dialoog . Roddel en achterklap en geven en nemen zijn van alle tijden. Bij mij aan de muur hangt een in kruissteek uitgevoerde mooie spreuk die ik kreeg van wijlen Annie Sijtsma die zo mooi gedichten kon voordragen, : “At ’t nich kan zoa as ’t möt, dan möt ’t meer zoa as ’t kan”. Deze verdraagzaamheid voorkomt een hoop stress.

Rob Meijer
Column januari 2017