VAN KAPEL TOT TOREN

Hoe de historiserende bebouwing van het commanderiegebied in Ootmarsum toch nog een waardig gedenkteken kreeg.

Vele eeuwen was de bebouwing ten zuiden van Ootmarsum een fraaie markering in het landschap.

De bebouwing verdween in het begin van de 19e eeuw en het gebied werd aan het begin van de 21e eeuw weer tot leven gewekt. Dat begon in 1956 toen bij de verbouwing van het Van Laer’s huis aan de Schiltstraat de gevelsteen werd teruggevonden van de voormalige kapel van de commanderie. Conservator van het Rijksmuseum Twenthe in Enschede, A.L.Hulshof, was bijzonder enthousiast, schreef er artikelen over en liet de steen jarenlang tentoonstellen in de Oudheidkamer Twente. Nu staat dit historische relict te pronken in de hofkamer van het openluchtmuseum Ootmarsum. Herleving van het commanderiegebied is door de jaren heen binnen de heemkundigen van Ootmarsum een hot item geweest. In 2004 ontstond er een stichting Commanderie Ootmarsum en werd bij de gemeente Dinkelland aangedrongen het volkstuintjes-gebied te ontwikkelen. Nota’s werden geschreven, vergaderingen belegd, excursies georganiseerd en gelobbyd. De gemeente pakte het verhaal op en kreeg Stedenbouwkundig bureau Khandakar opdracht een plan te maken. De secretaris/directeur van de gemeente Dinkelland, de kleine Napoleon Alex Damer, stuurde samen met de investeerders Harrie Oude Weernink en Hans Heupink aan op een groots plan.

Een hotel, een brouwerij, woningen, grotere parkeerplaats en een ingang voor het openluchtmuseum moesten er komen. De stichting Commanderie, waarvan ik ook deel uitmaakte, vond dat er toch één plek zou moeten komen in het complex waar de commanderiehistorie samen kon worden gebracht. Daarmee was het plan voor een kapel als entreegebouw voor het openluchtmuseum geboren. Ik schreef een projectplan. Maar ja, wie betaalt dat en wat kost het , en wie gaat de kar trekken ?  De stichting vond een partner in BLM Architecten van Judith Engbers, de echtgenote van de toenmalige wethouder Rob Engbers. Er werd in 2010 een ontwerp gemaakt.

Bouwtekeningen en begrotingen werden op basis van no cure no pay geleverd en de stichting ging er mee op pad. Vele aanvragen werden ingediend en verschillende bezoeken van subsidiegevers werden georganiseerd. Zelfs vertegenwoordigers van de BankGiroLoterij waren enkel keren te gast met een culinaire invulling in het toenmalige Restaurant De la Poste. Totale kosten voor de historiserende multifunctionele kapel kwamen uit op een bedrag rond een miljoen Euro. Een zware dobber….

Dat het originele plan door verschillende oorzaken, zoals een ernstig auto-ongeluk van Alex Damer, niet in het bedoelde spoor gehouden kon worden, resulteerde zoals bekend in het totaal afschieten van het hele plan door de Raad van State in 2014. Het radeloze gemeentebestuur moest met een oplossing komen. Gezien de toen ontstane situatie haakte investeerder 1, Harrie Oude Weernink af en was het hotel van de baan en bood investeerder 2, Hans Heupink aan, het heft in eigen hand te nemen. Hij gaf opdracht voor het opstellen en begeleiden van het nieuwe bestemmingsplan, kocht en ruilde de gronden, en maakte de procedure binnen een half jaar rond, zoals door wethouder Loes Stokkelaar in de tumulteuze raadsvergadering van begin 2015 was toegezegd aan de Raad. De bouwtekeningen voor de brouwerij en restaurant moesten worden aangepast. Architect Jan Lammerink liet het huidige gebouwencomplex van de tekentafel komen. De situering van de gebouwen moest anders nu er geen hotel kwam, een groenruimte kon ingevuld worden met een hoptuin en er kon een expositie/brouwerijgebouw komen. Over de kapel en de ingang van het openluchtmuseum werd snel besloten : er komt een toren en een poortgebouw en aansluitend een restaurant met brouwerij, allemaal in één complex.

De toren kreeg een woonbestemming, maar de architect had daar wel wat problemen mee. Maximaal 8 x 8 meter was er beschikbaar. Een groter oppervlak deed afbreuk aan het toren-idee. Nadat er archeologische opgravingen werden gedaan kon de bouw van het complex beginnen. Met stoom en kokend water werd door Aannemer Nijhoff binnen één jaar het hele plan gerealiseerd. December 2016 stond het allemaal als een huis. Ook de toren.

Het is een markante bouw van 13 meter hoog die het Commanderieplein cachet geeft.  Een nostalgisch moment was er even toen de originele windvaan van de Commanderie, die in bezit was van de familie Aarnink, met een hoogwerker op de spits van de toren werd geplaatst.

Het panorama van Ruisdael is daarmee weer een stukje in ere hersteld en prijkt er ten zuiden van Ootmarsum op de plek van de voormalige Commanderie Ootmarsum, na tweehonderd jaar weer een toren met een weerhaan aan de horizon.